Promotiecampagne kinderassortiment
Boeken algemeen

Louvain-la-Neuve, lekkere, trendy stad zonder auto's

Na hevige studentenrevoltes moest l'Université Catholique de Louvain (UCL) zich eind de jaren zestig bij wet in Wallonië vestigen. In de weilanden nabij Ottignies verrees uit het niets een nieuwe universiteitsstad. Oorspronkelijk verhuisden studenten en proffen dik tegen hun zin, maar ruim veertig jaar later is deze futuristische stad ook een geliefkoosd oord voor kapitaalkrachtige gepensioneerden, toeristen én lekkerbekken.

 

Klik hier voor de fotoreportage van Frans Oyen.

 

Onderweg naar de Place de l'université stopt de GPS de begeleiding voortijdig met de mededeling dat de bestemming in de buurt ligt. Bij het binnenrijden van de immense ondergrondse parking begrijpen we waarom. Het centrum is immers één grote voetgangerszone. Alle gemotoriseerd verkeer moet parkeren in het dal onder een betonnen plaat van 12ha, een platform tussen de twee heuvelruggen waarop de binnenstad staat. De aanpalende buitenwijken hebben eigen openluchtparkings waarvan het merendeel bestemd is voor de inwoners. In de stadskern zijn voetgangers en fietsers koning in straten zonder stoepen en fietspaden, een paradijs voor kinderen en voor al wie rollend door het leven gaat, maar ook voor ouderen die moeilijk te been zijn. De dynamiek van de stad, het grote cultureel aanbod, de vele restaurants hebben senioren aangetrokken die er de hoge huurprijs voor over hebben. Vandaag vormen de 12.000 kotstudenten nog slechts de helft van het inwonersaantal, dat in de week overdag aanzwelt tot ruim 45.000. Met 132 verschillende nationaliteiten lijkt het een wereld in zakformaat.

 

De droom van elke architect

 

Het concept werd bedacht door een team van architecten en stedenbouwkundigen, die hierin dé opdracht van hun leven zagen. In tegenstelling tot gelijkaardige projecten in Frankrijk en Engeland opteerden ze voor een traditionele stedelijke vormgeving met in de kernstad betonnen constructies met platte daken en in de buitenwijken bakstenen muren en puntdaken. Universiteitsgebouwen liggen tussen de woningen, winkels en horecazaken. De trein komt tot in het hart van de stad en de NMBS-loketten zijn een deel van een winkelcentrum. Naarmate de stad groeide, evolueerde de bouwstijl zo weinig dat de eenheid van stijl zowat het opvallendste verschil is tussen deze nieuwe stad en onze oudere steden. Van bij haar ontstaan wordt 2% van elk bouwbudget besteed aan kunstwerken met over de stad verspreid een honderdtal beelden als decoratief gevolg. Vorig jaar fleurden meer dan 40 graffiti-artiesten van over heel de wereld, tegen kost en inwoon, enkele betonnen muren op. Tijdens ons bezoek regent het pijpenstelen, maar onze Nederlandstalige gids verzekert ons dat bij mooi weer niet alleen de vele terrasjes, maar ook de trappen van het centrale plein vol zitten. De exporuimte in de toeristische dienst getuigt van een alom tegenwoordige creativiteit. De huidige tentoonstelling is gewijd aan Bernard Depoorter. Deze couterier is niet alleen bezeten door hedendaagse mode, maar pakt ook graag uit met oma's pronkstukken en accessoires.  “Dit is een tentoonstelling over een bekende Waal” zegt Laetitia van de toeristische dienst, “maar het kan evengoed een uitgewerkt idee zijn van een groep studenten. In deze stad gebeurt altijd wel iets”. Alvorens op verkenning te gaan, bekijken we er de film over het ontstaan en het leven in Louvain-la-Neuve.

 

 

Op bezoek bij Kuifje

 

Zoals elke universiteit bezit de UCL een massa kunstschatten, die toegankelijk zijn voor het publiek met gratis inkom elke eerste zondag van de maand. We ontdekken er moderne schilders als René Magritte en Paul Delvaux, volkse en naïeve kunst, beelden uit de oudheid tot de "arts premier" uit Afrika en Oceanië. Vooral het Hergé museum zet Louvain-la-Neuve op de toeristische kaart. De weduwe van Remi Georges, bekend onder de fonetische schrijfwijze van zijn initialen RG, financiert dit privé-museum als nagedachtenis aan deze wereldvermaarde striptekenaar. Omdat Kuifje slechts één van zijn geesteskinderen is en omdat ze de tekenaar en de mens Hergé centraal wil stellen, verkoos ze Hergé-museum boven Kuifje-museum. Een grote bootachtige huls is een architecturaal hoogstandje met daarin vier volumes en acht zalen verbonden door loopbruggetjes. Het museum toont permanent een driehonderdtal originele werken en veel foto's. Om bewaartechnische redenen wisselen deze om de drie maanden. Daarvoor wordt geput uit een reserve van 800 originele stukken. Geleid door een audio- en video-gids zien we hoe Hergé's tekeningen ontstaan en evolueerden en hoe hij als eerste merchandising gebruikte door van zijn stripfiguren ruimtelijke replica's op de markt te brengen. Ook de menukaart van het museumrestaurant oogt als een strip van Hergé. Na een bezoek aan dit museum bekijken we in het vervolg zijn albums met heel andere ogen.

 

Creatieve keukens

 

De multiculturele inwonersmix van jong en oud weerspiegelt zich in de diversiteit van het restaurantaanbod. In de  Terrasse des Ardennais trekt de huiskamersfeer van Le Respect-Table onze aandacht. Dit eethuisje profileert zich als une curiosité gourmande engaat er prat op enkel lokale en bio producten te gebruiken. Even binnenwippen voor een tas koffie in Le boudoir à part van restaurant Coeur de Sense op de Traverse d'Escape is een mooi alibi om kennis te maken met het uniek concept van deze zaak. Verschillende interieurs in het teken van metaal, hout, vuur, water of aarde bieden de gasten de kans een zitje te kiezen in functie van hun gezelschap en humeur. Individualisten vinden in de bibliotheek wel een boek dat ze kunnen ontlenen om na de maaltijd thuis verder te lezen. Omdat iedereen er welkom is, wordt aandacht besteed aan mensen die glutenvrij, zonder lactose of vegetarisch willen eten. In de week is er over de middag een buffet à volonté.

 

Cambridge by Asli viert 25ste verjaardag

 

Uiteindelijk dineren we in Cambridge by Asli, waar we uitgenodigd zijn om hun 25ste verjaardag mee te vieren. Het restaurant, dat over een groot terras beschikt en er  prat op gaat het meest Brits restaurant van de stad te zijn, ligt in de Grand Rue, het hart van de stad, op amper twee minuten van het station. Zoals in veel Engelse pubs staat een grote toog centraal omringd door grote en kleine zithoeken. Blikvanger is de immense kristallen luster die het restaurant een zeker cachet geeft. Het interieur en de naam mag dan wel Brits zijn hun keuken is Belgisch-Frans en ze gaan er prat op om verse seizoensproducten te gebruiken. Op hun kaart staan heel wat klassiekers uit grootmoeders keuken zoals koningingenhapje gemaakt met kip van Val-Dieu, gegratineerd witloof met kaas en hesp, karbonades, varkenshammetjes. Daarnaast is er een ruime keuze aan slaatjes, pasta”s, grillades op lavasteen, en visgerechten. Je kan kiezen tussen een mooi assortiment kwalteitwijnen, waaronder  ook heel wat wijnen die je per glas kunt bestellen. Op hun bierkaart telden we zomaar eventjes vijftig biersoorten. Ook hun cocktails zijn vaak met bier bereid. Vermeldenswaard is tevens hun theekaart met een ruime keuze aan zwarte en groene thees.

Dé verrassing van de avond was de muzikale omlijsting door topcomponist Igor Unterberg en de komst van de Poolse Piet Huysentruit, Magda Gressler, eigenares van meer dan 30 restaurants en tevens voorzitster van het Poolse Master Chef. Ze is ook de auteur van de gastronomische gids: “101 beste restaurants en hotels in Polen”. Ook door haar flamboyante verschijning was ze de kers op de taart van een uniek verjaardagsfeest.

www.tourisme-olln.be