Promotiecampagne kinderassortiment
Boeken algemeen

Natuurlijk: honger maakt rauwe bonen zout

 

Terecht vergeten culinair erfgoed

Al mijn broers en zussen en ikzelf houden van koken en lekker eten. Een van mijn broers komt iedere zaterdag na de boodschappen bij mij een drankje drinken. Vaak neemt hij dan, als hij iets nieuws heeft gevonden, wat mee. Omgekeerd speur ik zelf ook altijd naar nieuwe culinaire verrassingen. Enkele weken geleden bracht hij een zakje zoutjes mee. Ik moest raden wat het was, voordat hij het zakje opende. De zoutjes zagen er in de verte uit als zoute pinda’s, maar wel een beetje groter en platter. In ieder geval had ik wel goed geraden dat het peulvruchten waren, pinda’s zijn immers ook peulvruchten. (Zie de column van 9 maart 2011). De eerste smaaktest gaf een merkw3aardige neutrale ervaring. Het was de smaak van gedroogde bonen zoals ik die uit mijn prille jeugd kon herinneren. Ik probeerde toen of rauwe bruine bonen te eten waren. Het antwoord was nee. Ik brak er bovendien bijna mijn tanden op. De bonen die mijn broer meebracht, waren tenminste nog gezouten. Mijn broer vertelde lachend dat dit ‘Groninger mollebonen’ waren. Een van oorsprong Groninger collega had ze voor hem meegebracht. Ik had er nog nooit van gehoord.

 


Groninger Mollebonen zijn geroosterde of gefrituurde en gezouten en soms ook gekruide tuinbonen en wel van het ras ‘paardenbonen’. Van kinds af aan weet ik dat de mensheid door tuinbonen in twee kampen is verdeeld. Zij die ze heerlijk vinden en zij die ze haten. Ik val onder de laatste categorie. Mollebonen worden bij voorkeur in een wok of wadjan in olie gebakken of samen met het brood in de oven geplaatst. Dat laatste lijkt het meest op roosteren. Het gebruik van een wadjan komt uit Nederlandsch Indië, mollebonen zijn in Indonesië voor het eerst bereid en gegeten. Toen het gebruik naar Groningen overwaaide werden ze ook hier in een wadjan gebakken. In het Gronings heet een wadjan ‘mol’. Gefrituurde mollebonen zouden volgens Wikipedia een zoete smaak hebben. Daar is mij niets van gebleken.

 


Mollebonen waren gemakkelijk bereiden en konden lang bewaard worden. Het was als voedsel voor landarbeiders ideaal. Maar in de stad Groningen kwamen ze in zwang als borrelhapje voor de gegoede burgerij. Hierdoor en door de gewoonte om ze te gebruiken bij stemmingen in de gemeenteraad heten inwoners van de stad Groningen nog steeds Mollebonen. Een Groningse vriend van me liet me horen hoe je dat uitspreekt. Maar dat is niet fonetisch weer te geven.

 


Thans worden ze nog op enkele plekken bereid, zoals de vesting Bourtange, het Openluchtmuseum te Arnhem. Plaatselijke VVV’s en enkele andere toeristische trekpleisters om aan argeloze toeristen te slijten. Rare jongens die Groningers.

 

Gewoonlijk besluit ik een column met een recept. Maar u hebt, als lezer, al begrepen dat ik dat hier niets mee kan. Dus geen (tuin)bonen recept.
 

'